Stelling 's Hertogenbosch - Heusden
- Zuiderwaterlinie -
Stelling 's Hertogenbosch - Heusden
- Zuiderwaterlinie -
Deze route voert ons langs de vierde stelling binnen de Zuiderwaterlinie en laat ons de vestingsteden Heusden en ’s Hertogenbosch ontdekken. Dit deel van de Zuiderwaterlinie werd als sterkste schakel van de gehele linie beschouwd en werd later zelfs verder versterkt. Om de waterwerken te beschermen werden er forten, schansen en batterijen gebouwd. We rijden langs fort Hedikhuizen en doen fort Isabella aan. We bezoeken de Pettelaarse schans en wandelen door een deel van de schans bij Doeveren.
Tussen 2017 en 2024 hebben de fotografen van het fotocollectief door heel Nederland militair verdedigingserfgoed vastgelegd op de gevoelig plaat.
In de YouTube video wordt een korte foto-impressie gegeven van de forten en vestingsteden die je tijdens deze toertocht kunt bezoeken.
We beginnen onze rondrit op de parkeerplaats: Heusden Centrum-Oost. Want voordat we aan onze toertocht beginnen verkennen we als eerste de vestingstad Heusden. Op het Internet vind je verschillende aanbieders van (gratis) stadswandelingen. Bij het toeristisch informatiepunt (TIP) Heusden hebben ze (voor een klein prijsje) zelfs een boekje met 2 wandelingen door de vesting. Kies zelf wat het beste bij je past en geniet vooral van wat de vesting te bieden heeft.
Nadat we zijn uitgewandeld verlaten we Heusden en rijden richting Hedikhuizen alwaar we langs het fort met dezelfde naam rijden. We vervolgen onze weg naar de grote stad ‘s Hertogenbosch om als eerste langs het fort Crèvecoeur te rijden. Dit fort ligt op defensieterrein en is helaas niet toegankelijk. We rijden door naar fort Orthen. Dit torenfort is bij kunstenaars in gebruik en als je mazzel hebt mag je misschien binnenkijken.
De eerst volgende plek waar we ons voertuig parkeren is op de parkeerplaats bij de Citadel. We stijgen hier uit om de Citadel lopend te verkennen.
We kunnen nu besluiten om de stad te verkennen vanuit de Citadel of dat we naar de andere kant van de stad rijden om van daaruit onze verkenningstocht te beginnen. In beide gevallen kun je op het Internet (website Zuiderwaterlinie of die van de ANWB) de diverse wandelroutes vinden.
We verlaten de stad en rijden richting de Pettelaarse schans. Vlak voordat de Gestelseweg overgaat in de N617 (een C9-weg) slaan we rechtsaf en direct weer linksaf om achter het tankstation parallel aan de N617 over de Oude Gestelseweg naar de schans te rijden. Aan beide zijden van de weg zijn er parkeervakken aangelegd. We stijgen uit om de schans te voet te verkennen.
We rijden opnieuw de stad in, over de Pettelaarse weg. Mocht je de stad nog niet verkend hebben vanuit de parkeerplaats Citadel dan kun je nu rechtsaf de ondergrondse parkeergarage St.Jan inrijden om alsnog de stad te ontdekken. Is dit niet het geval dan sla je linksaf de Zuidwal op en rij je langs het Bastionder, langs de Dommel richting fort Isabella alwaar we ons voertuig opnieuw parkeren om het voormalige fort, waar de oude legeringsgebouwen zijn omgebouwd tot luxe appartementen, al wandelend te ontdekken. Er zijn verschillende horecagelegenheden op het fort, waar het oude poortgebouw nog in volle glorie aanwezig is.
Nadat fort Isabella geen geheimen meer voor ons heeft en we van een eventuele verfrissing of versnapering hebben genoten duiken we het mooie Brabantse land in, waar landerijen en kleine plaatsjes elkaar afwisselen. We pikken een stukje Drunen mee, maar laten Oud Heusden rechts liggen. We rijden het dorp Vriezekoop in om ons voertuig te parkeren bij de hervormde kerk aan de Dorpstraat. We lopen terug naar de kruising en steken de Valkenvoortweg over en wandelen de Zeedijk op. Dit is een fietspad dat langs de verschillende Wielen voert, die onderdeel zijn van de schans bij Doeveren. Na 200-300 meter komen we aan bij het Doeverendse Wiel. Dit is de grootste van het stel. Lopen we nog een stukje (circa 600 m) door over de Zeedijk dan komen we aan bij de Heusdense sluis. Dit is een inundatiesluis gebruikt om de polder onder water te kunnen zetten zodat de vijand kon worden tegengehouden.
We wandelen over de Zeedijk terug naar ons voertuig en vervolgen de reis naar ons vertrekpunt: de vesting Heusden.
Heusden is een gerestaureerde vestingstad, gelegen aan de (Bergsche) Maas. Men is in 1968 begonnen met het in oude stijl restaureren van de vestingstad . Dit grootscheepse restauratieproject liep twintig jaar. De eerste vermelding van Heusden dateert uit 722, maar het Kasteel Heusden dateert uit de 12e eeuw waarna er in de buurt van dit kasteel het huidige stadje zich ontwikkelde. Heusden lag op de strategische grens tussen het hertogdom Brabant, het graafschap Holland en het hertogdom Gelre, terwijl ook het graafschap Kleef er aanvankelijk rechten bezat. Hierdoor was de politieke situatie onduidelijk. Zo is het niet duidelijk wanneer de plaats stadsrechten kreeg. Na veel gekissebis werd Heusden omstreeks 1810 bij de huidige provincie Noord-Brabant gevoegd. In Heusden hebben zich meerdere rampen voorgedaan. In 1569 werd de stad door de Spanjaarden belegerd en geheel verwoest. Meerdere keren werd de stad getroffen door de pest. Tijdens de grote brand in 1572 werd bijna de hele stad in de as gelegd. Van het prachtige stadhuis was niets meer over. In 1680 werden het kasteel en omliggende huizen verwoest, doordat de bliksem in de kruittoren sloeg. Aan het einde van de 16e eeuw kreeg de stad een moderne omwalling. De haven en het kasteel kwamen binnen de omwalling te liggen. De vesting werd volgens het Oud Nederlands vestingstelsel aangelegd. Door de tijd heen vonden verdere verbeteringen plaats. Ook de Wiel (een plas) kwam nu binnen de omwalling te liggen waarmee de reputatie van een onneembare vesting werd hooggehouden. Toen het Koninkrijk der Nederlanden werd gesticht had de vesting, die deel uitmaakte van de Zuiderwaterlinie, geen functie meer. In 1821 verloor het stadje zijn vestingstatus en in 1879 ook zijn garnizoen. De verdedigingswerken werden verwaarloosd, maar geleidelijk zag men de monumentale waarde ervan in en besloot men tot restauratie over te gaan. In 1980 won Heusden de hoogste Europese prijs voor zijn vestingrestauratie. De binnenstad met omgeving is een beschermd stadsgezicht en het stratenplan stamt nog uit de middeleeuwen. De resten van het Kasteel Heusden zijn in 1987 opnieuw opgemetseld, doch op een wijze die tegenwoordig als minder verantwoord wordt beschouwd. De Stadshaven kwam tot stand gedurende de aanleg van de vestingwerken na 1580. In 1904 werd de haven gedempt, maar in de jaren 70 werd ze weer in de oude vorm hersteld. De Demer is de stadsgracht van Heusden. Ze werd aangelegd in 1384 en stond in verbinding met de Maas. In de bocht ligt de Duiventoren, een restant van de middeleeuwse versterking van 1355, herbouwd in 1984.
Fort Hedikhuizen werd gebruikt om de inundatiesluis te beschermen. De sluis maakte het mogelijk op een gecontroleerde manier water vanuit de Maas binnendijks te laten stromen, waardoor een groot gebied onder water kon worden gezet om de vesting Heusden te beschermen tegen een aanval. De bouw van een inundatiesluis en een klein verdedigingsfort begon in 1862. Dit fort bestaat uit versterkte legeringsgebouwen, een aarden wal en een natte gracht. Het fort werd tot 1952 gebruikt en is nog in vrijwel originele staat. In 1952 werden fort en sluis bij Koninklijk Besluit als vestingwerk opgeheven. In 1993 belandde de sluis op de lijst van beschermde Rijksmonumenten. Het fort is privé eigendom en de sluis werd in 2002 voor een symbolisch bedrag verkocht aan het waterschap. De sluis is gerestaureerd en fungeert nu als ‘stapsteen’ in de lokale ecologische verbindingszone. Op dit moment is het fort in gebruik als feest en evenementen locatie. Bedrijven en gezelschappen kunnen er een evenement houden.
’s Hertogenbosch is de hoofdstad van de provincie Noord-Brabant en vooral bekend om haar Bossche bollen. De stad draagt de bijnaam 'Moerasdraak'. Deze naam heeft de stad overgehouden aan haar rol in de Tachtigjarige Oorlog. Het was toen een vestingstad omringd door moeras, waardoor de stad 'onneembaar' werd geacht. De stad ligt aan vier rivieren, de Maas, de Aa, de Dommel en de Dieze. De stad was na het voltooien van de tweede omwalling, eind 14e eeuw, de grootste stad qua inwoners op het grondgebied van het huidige Nederland. Lange tijd heeft de stad gefunctioneerd als garnizoensstad. De bastions, vestingwerken en het historisch centrum zijn beschermd erfgoed. De stad kreeg in 1184 stadsrechten en was de vierde stad van Hertogdom Brabant. De vroegste vermelding van 's-Hertogenbosch is in een document uit 1196 en het is daarmee een van de oudste steden van Nederland. Het historisch stadscentrum van 's-Hertogenbosch is het grootste omwalde gebied en een van de oudste en meest complete van Nederland. Zo is de voormalige Koning Willem I Kazerne grotendeels intact gebleven en toont het verleden van 's-Hertogenbosch als garnizoensstad. In de kazerne is nu een school gevestigd. Het buitengebied, natuurgebied "Het Bossche Broek", grenst pal aan de oorspronkelijke middeleeuwse stadswal. Aan de stadswallen wordt gewerkt om die volledig in de oorspronkelijke zichtbare staat terug te krijgen. De stadswallen zijn verbonden met de historische bastions (ook wel bolwerken). Diverse bastions zijn hersteld of op een innovatieve wijze geïntegreerd in de stad. Zo laat het Bastionder de ondergrondse restanten van Bastion Oranje zien. Hier is tevens een informatiecentrum gevestigd. In de 17e eeuw zijn er ook vestingwerken en verwante gebouwen bijgebouwd. De Citadel, Fort Orthen en het Bossche Kruithuis zijn hier voorbeelden van. Het Kruithuis is in 2020 omgebouwd tot Museum Kruithuis. Een andere attractie die verbonden is aan de vestingwerken is de in 1996 volledig gerestaureerde Binnendieze, waar verschillende rondvaarten de gelegenheid bieden de stad ondergronds te bewonderen.
Fort Crèvecoeur of Crève-coeur is nu nog steeds een militair oefenterrein binnen de gemeentegrenzen. Het gebied was vroeger een fort dat in de Tachtigjarige Oorlog als (eerst nog naamloze) schans gesticht was door het Staatse leger om de scheepvaart op de Dieze te controleren. De naam crève-coeur is een meer algemene naam voor vestingwerken die nabijgelegen vijandelijke steden schade moesten toebrengen door ze in een permanente staat van beleg te laten verkeren. Het fort heeft deze rol gehad onder Maurits van Oranje die het als uitvalsbasis voor vergeefse aanvallen op ’s-Hertogenbosch gebruikte. Tijdens de Hollandse Oorlog gaf het fort zich over aan de Franse troepen, maar toen zij zich terugtrokken bliezen zij bij hun aftocht het fort op met vijfhonderd pond buskruit. De boel werd eerst gesloopt, maar later vond men dat op deze plaats een fort toch noodzakelijk was ter regulering van de inundaties. Zoals wel vaker gebeurd wordt het fort verwaarloosd, zodat in 1815 een geheel nieuw plan ter volledige renovatie wordt opgesteld. Door geldgebrek wordt dit echter niet uitgevoerd. Na de afscheiding van België wordt ‘s-Hertogenbosch de uitvalsbasis van het Zuidelijke Veldleger zodat meer geld vrijkomt voor de fortificaties. Het fort werd volledig gerenoveerd en later opnieuw versterkt vanwege de dreiging die van de Frans-Duitse Oorlog uitging. Na de Tweede Wereldoorlog wordt het fort als militair oefenterrein gebruikt door de Genie. Het kanaal en de sluis werden gedempt en ontmanteld. Tijdens de Koude Oorlog was de Maasoever van het fort zo ingericht dat er snel een pontonbrug geslagen kon worden indien de brug bij Hedel door de vijand vernield zou worden. Er zijn plannen voor een complete restauratie. De Dieze stroomde vroeger recht door het fort. De uitgediepte zuidelijke gracht wordt nu als bedding gebruikt. Hierin bevindt zich een stuw die de afwatering van het grootste deel van het oosten van Noord-Brabant reguleert.
Fort Orthen.
is een verdedigingswerk in de wijk Orthen. Samen met Fort Crèvecoeur moest fort Orthen de stad vanuit het noorden verdedigen. Er is besloten, om Orthen te versterken en een fort te bouwen, dat toen overigens nog tegen Fort Crèvecoeur gericht was dat door het Staatse leger was opgeworpen. Fort Orthen werd pas na het Beleg van 's-Hertogenbosch daadwerkelijk gebouwd (rond 1630). Het fort wordt in opdracht van de Raad van State geheel vernieuwd en bestaat nu uit een gesloten vierkant aarden werk, omringd door een natte gracht met voorwerken.
De Citadel bevind zich op een plek waar vroeger huizen hebben gestaan. De citadel was een fort met daarbij vijf punten in het bastion. De aanleg van het fort werd kort na de inname van de stad gestart. Het kreeg de naam Fort Willem Maria, namen van twee van de kinderen van prins Frederik Hendrik van Oranje. Om het fort een vrij schootsveld te geven werd een complete wijk en twee kerken gesloopt. Het gebied waarvan de bebouwing tegen de vlakte ging, besloeg ongeveer 4 ha. Het schootsveld wat hierdoor ontstond, ging De Plein heten en kon door de gemeente pas opnieuw bebouwd worden, na de vestingwet. Het fort had na de voltooiing twee functies. Het moest de stad verdedigen tegen eventuele aanvallen van de Spanjaarden, maar tegelijkertijd moest het ook de Bossche inwoners in de gaten houden. Rond 1789 werd aan het fort een kazernefunctie gegeven. Midden op het terrein werd een kazernegebouw gebouwd, dat later werd uitgebreid met vier vleugels. Dit gebouw met de daarbij behorende vleugels was bedoeld voor de manschappen. In de militaire periode vervulde de kazerne ook de functie van tribunaal en militaire gevangenis. In de Franse Periode zijn hier ook mensen geëxecuteerd. Met het graven van de Zuid-Willemsvaart zijn delen van het fort gesloopt. In 1984 zijn de militaire gebouwen gesloopt, toen de Citadel grondig werd gerenoveerd. Het doet nu dienst als Rijksarchief; het Brabants Historisch Informatie Centrum is hier gevestigd. De Citadel is eigendom van de Staat.
De Pettelaarse schans of Fort Saint Michèl was een fortificatie ten zuiden van de stad. Het fort werd in 1623 gebouwd, nadat Maurits van Oranje tot twee maal toe de stad probeerde in te nemen. Bij elke aanval lieten de Bosschenaren het moeras rondom de stad onder water lopen. Bij beide aanvallen bezette Maurits een hoogte ten zuiden van de stad. Nadat Maurits was verslagen, bouwden de Bosschenaren op deze hoogte de Pettelaarse Schans. Het fort werd in 1672 (rampjaar) bij het begin van de Hollandse Oorlog gesloopt, om te voorkomen, dat de Franse legers het fort in bezit namen. Het fort was al in verval geraakt en had geen militaire functie meer. De Pettelaar is heel even Nederlands eerste militaire vliegveld geweest. Er vonden oefeningen plaats van de landmacht, die bij wijze van proef zes vliegeniers had uitgenodigd om, met hun eigen vliegtuigjes, verkenningsvluchten uit te voeren. Pas in 1913 kocht defensie de eerste eigen vliegtuigen aan. Die werden gestationeerd op de Vliegbasis Soesterberg, want De Pettelaar was te klein. In 1959 werd het voormalige fort gereconstrueerd. Waar vroeger het fort stond, staat een rij bomen, om te markeren waar het fort stond. Op de schans staat de voormalige boerderij De Pettelaar, uit 1880, die gebouwd is op restanten van het fort. Het gebouw wordt nu gebruikt als restaurant.
Fort Isabella is een vestingwerk ten behoeve van de verdediging van de stad gelegen aan de noordkant van de huidige gemeente Vught. De naam van is afkomstig van aartshertogin Isabella, hertogin van Brabant en dochter van de Spaanse koning Filips II. Naast vestingwerk was een andere belangrijke functie van het fort de inkwartiering van een deel van het garnizoen. In en om 's-Hertogenbosch waren in deze tijden vele militairen gelegerd. Samen met fort Sint-Anthonie moest dit fort de zuidkant van 's-Hertogenbosch beschermen. Fort Isabella is gebouwd als een regelmatig vijfhoekige schans, met vijf bastions. Tegen het einde van de 17e eeuw was door verwaarlozing en hoogwater veel schade aangericht aan het fort en het onderhoud van het fort was matig. Mede daarom werden in 1701 voorstellen gedaan ter verbetering van het fort, vanwege de oorlogsdreiging vanuit Frankrijk. Vanwege geldgebrek zijn niet alle maatregelen volledig uitgevoerd. Op de binnenplaats van het fort stonden tegen de wallen diverse blokken barakken en een kerkje want het fort had een eigen predikant gekregen. In dat kerkje werden veel huwelijken gesloten tussen militairen en inwoonsters van 's-Hertogenbosch en omstreken. In de periode 1750-1810 veranderde er niet veel aan het fort, het werd echter wel normaal gebruikt en intact gehouden. In 1810 was het in goede staat. In 1832 was het echter niet meer in zo'n goede staat, door matig onderhoud, zoals vele Bossche vestingwerken van die tijd. Later vond men het fort toch weer belangrijk als onderdeel van de nationale verdedigingswerken. Dat veranderde opnieuw aan het eind van de 19e eeuw, toen het belang van het fort weer klein geacht werd. In 1905 meldde de toenmalige chef van de Generale Staf dat er uit hoofde van defensiebelangen geen bezwaar bestond tegen het opheffen van fort Isabella als verdedigingswerk. In 1914 werd dit bij Koninklijk Besluit bekrachtigd. Rond 1915 werd begonnen met het afgraven van de wallen en werd de binnen gracht deels gedempt. Hierna werd begonnen met het oprichten van kazernegebouwen en werd de naam omgedoopt in Isabellakazerne. Wat rest van het fort is een uit de 18e eeuw stammend poortgebouwtje (de Puist). Aanvankelijk was de kazerne bestemd voor het onderbrengen van een regiment Infanterie (in dit geval 17 RI), maar in 1922 werd het ingericht voor het onderbrengen van het Bataljon Wielrijders (later Regiment Wielrijders).
In de afgelopen jaren is het terrein overal voor gebruikt. Zo zijn er vluchteling uit Joegoslavië opgevangen, heeft het COA er een AZC gevestigd en heeft het gediend als deportatiecentrum voor uitgeprocedeerde vluchtelingen. Het is tijdelijk in gebruik geweest door studenten, bedrijven en horeca. Sinds 2019 worden er woningen, appartementencomplexen en bedrijfsgebouwen gerealiseerd, maar de oorspronkelijke kazerne-architectuur blijft zichtbaar. Op de kazerne wordt de Collectie Wielrijders tentoongesteld. Deze biedt een overzicht van spullen die door het Regiment Wielrijders zijn gebruikt. De Stichting Fort Isabellakazerne bekommert zich om de instandhouding van het militair erfgoed op de Isabellakazerne. Hiertoe worden rondleidingen en lezingen verzorgd alsmede publicaties uitgebracht.
Schans bij Doeveren is gelegen aan de Elshoutse Zeedijk nabij de Bovenlandse Sluis en diende ter verdediging van deze dijk en sluis. De grondvorm van de schans is nog aanwezig. Deze schans bestond reeds kort na 1504 en werd later uitgebreid. Ze werd korte tijd door de Fransen bezet gehouden. Nadat ze in verval was geraakt werd ze weer hersteld en ingezet tijdens de Belgische opstand. Omstreeks 1860 werd de schans verder vernieuwd en kreeg de zeshoekige vorm die nu nog zichtbaar is. De Bovenlandse Sluis en de 1e en 2e Oudheusdense Sluis zijn rijksmonumenten die zich in of nabij de Zeedijk bevinden. Het waren zowel waterkerende als uitwaterende werken.
Bovenstaande teksten zijn geïnspireerd op de Wikipedia ®
Deze route is met de grootst mogelijke zorgvuldigheid ontworpen met behulp van plan.tomtom.com. Met behulp van minikaart.nl en Google Map Streetview is gecontroleerd of de route geschikt is voor een stadsauto (L6(e)-klasse voertuig). Omdat de situatie op de weg kan veranderen kunnen we geen garantie geven dat de beschikbare routeinformatie onder alle omstandigheden volledig of juist is. Mocht je onderweg een wijziging of beperking in de route ontdekken, laat mij het weten op de pagina: Meedoen & Feedback. Zo kunnen we met elkaar de kwaliteit van de routes blijven garanderen.
De gebruiker kan aan de routeinformatie op deze webstek geen rechten ontlenen. Blijf vooral zelf opletten en houd je aan de geldende verkeerregels en in voorkomende gevallen aan de aanwijzingen van verkeersregelaars.
De inhoud van deze webstek is uitsluitend bedoeld voor de gebruiker zelf. Het is niet toegestaan deze informatie over te dragen, te verveelvoudigen, te bewerken of te verspreiden, zonder vooraf schriftelijke toestemming van de beheerder.